8 februari 1947

Share

In deze topwinter kwam er een geheel nieuwe generatie rijders naar voren. Joop Bosman uit Breukelen, in 1941 al tweede in de tocht, vertegenwoordige eigenlijk al de oudere generatie Elfstedenrijders. Er werd onder afgrijselijke omstandigheden gereden: felle vorst en oosterstorm. Klaas Schipper uit Steenwijkerwold kwam zwaar ten val en eindigde de tocht met een groot verband om zijn hoofd als tweede. Alleen Joop Bosman was sterker. Hij gleed dertig seconden eerder over de eindstreep.

Maar toen begon eingelijk pas het zwaarste gevecht van deze tocht. Het regende protesten, omdat er opgelegd gereden was: voor-en achterman hand in hand op de rug, zodat men elkaar kon duwen en trekken.

Het Elfstedenbestuur zat met de handen in het haar. Wat te doen? Naar goed Nederlands gebruik werd er een commissie in gesteld, die het allemaal haarfijn mocht uitzoeken. Pas in augustus kwam het verdict: winnaar Joop Bosman, nummer twee Klaas Schipper, nummer drie Jeen Nauta, nummer vier Jaap Wijnia, nummer zes Wierd Wijnia en nummer zeven Hein Vermeulen ontvingen geen prijs. De gebroeders Wijnia werden bovendien gediskwalificeerd, omdat ze zich per auto zouden hebben laten vervoeren.

Half Nederland stond op zijn kop en Jan W. van der Hoorn uit Ter Aar kreeg een telegram uitgereikt, terwijl hij zijn lelies op het land aan het verzorgen was: “Van Harte gefeliciteerd, U heeft de Elfstedentocht gewonnen,”meldde het bestuur van de Friesche Elfstedenvereniging de verbouwereerde bloemenkweker.

Het muisje had nog een erg lang staartje, want bijna veertig jaar later maakte Joop Bosman met zijn buurman Wim Vos een praatje, terwijl zij elk aan een kant van het slootje zaten dat hun land bij Kockengen scheidde. Vos was inmiddels één van de beste natuurijsschaatsers van Nederland. “Start nooit in de Elfstedentocht, Wim,” raadde Bosman hem aan. “Want ze flikken je daar als Hollander toch.”

Zo diep zat de grootste teleurstelling uit zijn leven. Bosman overleed niet lang daarna, zodat hij niet meer meemaakte, dat een geheel uit Friezen bestaande commissie een nieuw onderzoek begon naar de misdragingen van de gebroeders Wijnia. Ze kwamen tot de conclusie, dat er niets bijzonders was aangetoond, waarop het Elfstedenbestuur besloot ze meer dan 50 jaar later als nog hun Elfstedenkruisje van 1947 uit te reiken.

“Dit is de mooiste dag uit ons leven,” zeiden de broers, toen ze de versierselen opgespeld kregen.

Bron: KNSB/natuurijsschaatsen.nl

Tiende op 3 februari 1954

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


Share
Share